London Style Report

London Style Report

 

Per trein naar Londen, vanuit de oude industriestad Birmingham. De reis door het hart van Engeland duurt ongeveer twee uur en is, nu het herfst is, een genot om te maken. De bomen zijn geel-oranje-rood en de dorpjes met de Engelse pubs en boerderijen zoeven langs mijn raam. Als we aankomen in Londen is het grauw en regenachtig: very London-like.

 

Als eerste een bezoekje aan de Borough Market, een van London’s bekendste markten; hier zoekt Jamie Oliver zijn “Great British Recipes”. Je hoort de marktlui van weleer hun waren aanprijzen: exotische groenten. Op deze ‘street food market’ is alles om je vingers bij af te likken en het aanbod komt vanuit de hele wereld. Overal zie je mensen eten, in de rij staan voor eten of overleggen wat ze zullen gaan eten. De oude arcades van  een trein station, met zijn bakstenen bogen, huizen marktstalletjes in hun doorgangen. De naamborden van de eerste marktkooplui, met de hand geverfd in mooie letters, prijken als medailles uit het verleden boven elke boog.

De immigranten uit onder andere India hebben het Britse menu voorgoed veranderd. En dat is maar goed ook. Hun kruiden, chutneys en pickles zijn een zeer welkome aanvulling op het typisch Engelse menu: bangers and mash, fish and chips and shepherd’s pie, geen van alle echt wat je noemt culinaire gerechten, hoewel de echte British culinairy diehards dit natuurlijk fanatiek zullen tegenspreken. De exotische delicatessen worden verkocht in mooie potjes met prachtige Indiase prints op de etiketten. Aan het overwegend blanke middenklasse publiek, dat wel. Behalve dat mooie etiket, hangt er namelijk ook een aardig prijskaartje aan het hippe potje culifood. Maar behoor je tot die middelklasse, dan is Borough Market op zaterdagmiddag duidelijk The Place to Be, dat bewijzen de rijen tot aan de hoek van de straat bij de omringende koffietentjes en bakkers.

 

Zondagochtend schijnt de zon, dus snel een dubbeldekker in naar de East End. “Old Spitalfields Market” is een beetje vergelijkbaar met onze “Sunday Market” op het terrein van de Westergasfabriek. Je vindt hier veel stalletjes met vintage kleding, Aziatische import kleding en een paar antiek- en designwinkels. De buurt eromheen lijkt recentelijk gerenoveerd en de gevels zien er heel mooi uit. Het houtwerk is in originele klei- en aardetinten geschilderd.

 

Brick Lane, ook wel “Curry Street” genoemd, ruikt naar eten en de zijkanten van de huizen zijn door street artists onder handen genomen. De samosa’s, bahi’s en Indiase boterkoekjes in neon kleuren liggen hoog opgestapeld in de etalages. In een winkel waar ze paan (Indiaas brood) en telefoonkaarten verkopen, koop ik een DVD van een klassieke Bollywood film. Hoe verder je Banglatown (de buurt heet zo vanwege de Bangladeshi bewoners) inloopt, hoe drukker het wordt. Stallen met vintage kleding en meubels. En weer overal etende mensen. We volgen de geur van gebakken knoflook, een oud pakhuis in. De hal is afgeladen met grote tafels met pannen met dampende curry’s en mensen die eromheen drommen. Via de achteruitgang kom je op een grote binnenplaats, die Berlijns aandoet door (nog meer) straatkunst, van onder andere Obey. Hier kun je al het lekkers dat je binnen hebt gekocht opeten. De sfeer is een beetje “Occupy”: links, krakers. Er zijn boetieks van jonge modeontwerpers en een geweldige boeken/muziekwinkel, “Rough Trade”, met een jaren-30 pasfotohokje waar originele zwart-wit prints uitkomen. Onder een oude treinbrug zijn tussen de bogen zeecontainers geplaatst, waar gevestigde merken kleine pop-upstores hebben. Zo mixen de gevestigde retailnamen zich met jong talent. Retail design in Europa is in Engeland echt op z’n best!